Oefentheorie.be
FR
LessenGevaarherkenning

Gevaar zien en inschatten

Niet elk gevaar vraagt een noodstop. Leren kiezen tussen remmen, gas los en doorrijden.

Drie antwoorden

Bij elke situatie die je ziet aankomen, kies je uit drie reacties:

- Remmen: het gevaar is er al of komt bijna zeker. Je moet snelheid verliezen, nu. - Gas los: er is een mogelijk gevaar. Je laat het gas los en zet je voet bij de rem, zodat je klaar bent. - Niets doen: er is geen reden om je snelheid te veranderen.

Dit is geen officieel onderdeel van het Belgische examen, maar het is de manier waarop ervaren bestuurders kijken. Wie dit beheerst, haalt de rest van de vragen bijna automatisch.

OnthoudKijk niet naar wat er gebeurt, maar naar wat er kan gebeuren.
1 / 7

7 dia's

Gevaar zien en inschatten — de hele les als tekst

Dezelfde les om in één keer door te lezen of af te drukken. Wil je ze dia per dia doornemen, gebruik dan de knoppen hierboven.

Drie antwoorden

Bij elke situatie die je ziet aankomen, kies je uit drie reacties:

- Remmen: het gevaar is er al of komt bijna zeker. Je moet snelheid verliezen, nu. - Gas los: er is een mogelijk gevaar. Je laat het gas los en zet je voet bij de rem, zodat je klaar bent. - Niets doen: er is geen reden om je snelheid te veranderen.

Dit is geen officieel onderdeel van het Belgische examen, maar het is de manier waarop ervaren bestuurders kijken. Wie dit beheerst, haalt de rest van de vragen bijna automatisch.

Onthoud: Kijk niet naar wat er gebeurt, maar naar wat er kan gebeuren.

Een kind tussen geparkeerde auto's

Je rijdt door een straat met auto's langs de kant. Links rolt een bal de weg op.

Dit is remmen. Niet "gas los": achter een bal komt een kind, en een kind kijkt niet. Je moet je snelheid al kwijt zijn vóór het kind er is.

  • Goed: Je remt onmiddellijk en houdt de bal in het oog tot je voorbij bent.
  • Fout: Je toetert en rijdt door. Toeteren laat een kind juist schrikken en de weg op lopen.

Een fietser vóór je

Een fietser rijdt rechts van je op de rijbaan. Er is geen tegenligger en de weg is breed.

Dit is gas los. De fietser kan slingeren, een put ontwijken of links afslaan. Je laat het gas los, houdt minstens 1 meter zijafstand binnen de bebouwde kom en 1,5 meter erbuiten, en haalt rustig in.

Een bus die van een halte vertrekt

Binnen de bebouwde kom zet een bus zijn richtingaanwijzer aan om van de halte weg te rijden.

Dit is remmen. Binnen de bebouwde kom moet je een bus die van een halte vertrekt laten voorgaan. Buiten de bebouwde kom niet, maar ook daar is toegeven slimmer dan je recht halen.

Een vrachtwagen die rechts afslaat

Een vrachtwagen voor je staat met zijn rechterknipperlicht aan en zwenkt eerst wat naar links.

Dit is remmen en achter blijven. Een vrachtwagen heeft ruimte nodig en zijn achterwielen snijden de bocht af. Rechts naast hem gaan staan is de klassieke dodehoekfout die fietsers het leven kost.

Nat wegdek en slecht zicht

Bij regen is er meer aan de hand dan een langere remweg: je ziet minder, de markeringen spiegelen, en voetgangers met een paraplu kijken naar beneden.

Dit is gas los en afstand vergroten. Verdubbel je volgafstand naar 4 seconden en zet je dimlicht aan, zodat je achterlichten branden.

Opgelet: Aquaplaning: als je stuur licht aanvoelt, niet remmen en niet sturen. Gas los en wachten tot de pneus weer grip hebben.

Een kruispunt waar je niets ziet

Je nadert een kruispunt zonder borden. Rechts staat een hoge haag; je ziet de zijstraat niet in.

Dit is remmen tot je kunt zien. Rechts heeft voorrang, en jij kunt niet weten of er iemand komt. Je snelheid moet laag genoeg zijn om te stoppen voor iets wat je nog niet ziet.

Onthoud: Als je niet kunt kijken, moet je kunnen stoppen.

Oefen gevaar